Toolkit gebouwen – Warmteverlies voorkomen
Veelgestelde vragen over warmteverlies en warmtewinst
Moet ik dubbel of drievoudig glas gebruiken?
Drievoudige beglazing (triple glas) heeft een hogere materiaalgebonden CO2-impact dan dubbel glas, maar bespaart juist CO2 tijdens de gebruiksfase door warmteverlies sterk te beperken. Het is zeer waarschijnlijk dat die extra materiaalgebonden CO2 snel wordt gecompenseerd door de operationele energiebesparing, mits de beglaasde ruimte intensief wordt verwarmd. Denk hierbij aan de foyer, de entreehal, gemeenschappelijke ruimten met grote glaspartijen en de kantoren (backoffice).
De afgelopen jaren ligt de meerprijs van triple glas ten opzichte van HR++ dubbel glas rond de 10% tot 20%. Deze investering verdient zich door de operationele besparingen doorgaans binnen een overzichtelijke termijn terug.
Een belangrijk aandachtspunt is wel dat er bij triple glas strengere limieten gelden voor de maximale afmetingen, vanwege het aanzienlijke gewicht van de ruiten. Dit gewicht is ook een cruciale factor om rekening mee te houden als u achteraf bestaande kozijnen wilt aanpassen (retrofrit) of versterken.
Moet ik mechanische of natuurlijke ventilatie gebruiken?
Bij een renovatie vergt de installatie van een mechanisch ventilatiesysteem behoorlijk wat denkwerk, met name als het gaat om de inpassing en de route van de benodigde ventilatiekanalen. Het systeem biedt echter wel veel meer controle over het binnenklimaat en opent de deur naar verdere ingrepen om de luchtdichtheid van een ruimte of het gebouw aanzienlijk te verbeteren.
In combinatie met warmteterugwinning (WTW) en vraaggestuurde ventilatie op basis van CO2-sensoren kan mechanische ventilatie zeer effectief zijn in het verlagen van de CO2-uitstoot. Het is hierbij essentieel dat u deskundig advies inwint bij een installatieadviseur, zowel voor het ventilatiesysteem zelf als voor de benodigde luchtdichtheid van het pand.
Als er geen plannen of mogelijkheden zijn om de luchtdichtheid van het gebouw te verbeteren, zal mechanische ventilatie (met warmteterugwinning) nauwelijks een significante CO2-besparing opleveren, omdat er dan te veel warmte weglekt via ongewenste kieren.
Voor nieuwbouwuitbreidingen kan mechanische ventilatie juist een centraal onderdeel vormen van de energiestrategie, omdat dit naadloos aansluit bij de beproefde principes van een Passivhaus (passiefhuis).
Moeten we koeling introduceren?
Idealiter niet. Vraag uzelf eerst af waarom er nú koeling nodig is in vergelijking met bijvoorbeeld twintig jaar geleden. Vaak is de toegenomen koelbehoefte namelijk het gevolg van een opeenhoping van interne warmtelast (interne warmtewinsten) door moderne apparatuur, theaterverlichting of een hogere bezettingsgraad. De eerste stap is onderzoeken of deze bronnen bij de aanpak kunnen worden aangepakt (bijvoorbeeld door over te stappen op ledverlichting).
Zonintoetreding is de andere grote factor die oververhitting veroorzaakt. Hoewel de zon niet veranderd is, zijn de zomers wel warmer geworden. Toch kunnen maatregelen zoals externe zonwering, buitenzonwering of hoogwaardige dakisolatie deze warmteopname flink beperken en het oververhittingsprobleem vaak al in de basis oplossen.
Als deze preventieve, passieve maatregelen niet volstaan en actieve koeling essentieel blijkt, kies dan voor een systeem dat ook kan verwarmen. Overweeg bijvoorbeeld een VRF-systeem (Variable Refrigerant Flow, een intelligent klimaatsysteem dat werkt op basis van koudemiddel) of een warmtepomp op de retourlucht (ventilatiekoeling). Op deze manier slaat u twee vliegen in één klap: u lost het koelprobleem op en verlaagt tegelijkertijd de warmtevraag van de cv-ketel, waardoor het verbruik van fossiele brandstoffen direct daalt.
We willen er open uitzien, maar toch warm blijven – wat moeten we doen?
Stralingsverwarming, zoals vloerverwarming, is het meest effectief in tochtige omgevingen. Dit type verwarming is er namelijk niet op gericht om de lucht te verwarmen (die direct naar buiten vliegt zodra de deuren opengaan), maar verwarmt de objecten en mensen in de ruimte rechtstreeks.
Een andere optie is het plaatsen van een luchtgordijn. Luchtgordijnen blazen een krachtige luchtstroom vlak achter de entree, waardoor het binnendringen van koude buitenlucht tot een minimum wordt beperkt. Hoewel deze systemen vaak uitgerust zijn met een extra verwarmingselement, moet er kritisch worden gekeken naar de temperatuurinstellingen om te voorkomen dat er onnodig veel energie wordt verspild.
Daarnaast is het belangrijk om nu al te controleren of het luchtgordijn geschikt is voor de toekomst. Veel traditionele luchtgordijnen hebben namelijk erg heet water nodig. Zorg ervoor dat het systeem compatibel is met lage-temperatuurverwarming (LTV), zodat het later moeiteloos kan worden aangesloten op een duurzame warmtepomp.